B-VCA (Basisveiligheid):
Met het B-VCA diploma laat u zien dat u de basiskennis bezit van VGM (Veiligheid, Gezondheid en Milieu) zoals die gesteld is door VCA.
U geeft daarmee dus aan dat u veilig kunt werken en daarbij rekening houdt met het milieu en de gezondheid van uzelf en anderen.
Voor wie?
Als u aan de slag gaat voor een aannemer, dan moet u in de meeste gevallen een B-VCA diploma hebben. Bijvoorbeeld als u op een bouwterrein of in een risicovolle omgeving werkt.
Waarom een B-VCA examen?
Uw werkgever en opdrachtgevers willen dat er veilig wordt gewerkt, zodat niemand iets overkomt. Met een B-VCA diploma op zak weet u wat er van u verwacht wordt.
Wat houdt het B-VCA examen in?
De B-VCA bestaat uit kennis over onder meer de wet-en regelgeving, het herkennen van onveilige situaties en handelingen en het treffen van maatregelen ter voorkoming van ongevallen.
VOL-VCA (Veiligheid voor Operationeel Leidinggevenden):
Bent u operationeel leidinggevende bij een aannemer? Dan moet u het diploma Veiligheid voor Operationeel Leidinggevenden VCA (VOL-VCA) hebben. Daarmee geeft u aan dat u veilig werkt en rekening houdt met het milieu en de gezondheid van u en de medewerkers waaraan u leiding geeft.
Waarom een VOL-VCA examen?
Uw werkgever en opdrachtgevers willen dat er veilig wordt gewerkt, zodat niemand iets overkomt. Met een VOL-VCA diploma op zak weet u aan welke eisen u en de operationele medewerkers waaraan u leiding geeft, moeten voldoen.
Wat houdt het VOL-VCA examen in?
De VOL-VCA bestaat uit kennis over onder meer de (Europese) wet- en regelgeving, het herkennen van onveilige situaties en handelingen, het treffen van maatregelen ter voorkoming van ongevallen, VCA-certificering, bedrijfsnoodplan en het organiseren van toolboxvergaderingen.
VIL-VCU (Veiligheid voor Intercedenten en Leidinggevenden):
Bent u intercedent of leidinggevende van een uitzendbureau? Dan moet u beschikken over het diploma Veiligheid voor Intercedenten en Leidinggevenden VCU (VIL-VCU). Daarmee geeft u aan dat u weet welke veiligheidseisen worden gesteld aan personeel bij VCA-gecertificeerde bedrijven.
Waarom een VIL-VCU examen?
Uw opdrachtgevers willen dat er veilig wordt gewerkt, zodat niemand iets overkomt. Met een VIL-VCU diploma op zak weet u waar u op moet letten bij het zoeken van uitzendkrachten voor uw VCA-gecertificeerde opdrachtgevers.
Wat houdt het VIL-VCU examen in?
VIL-VCU is voor een groot gedeelte gelijk aan VOL-VCA en bevat daarnaast ook unieke, op de intercedenten toegesneden kennis. Denk aan wetgeving en verantwoordelijkheden in de relatie ‘inlener – uitzendorganisatie – uitleenkracht’. De leerstof die niet van toepassing is op intercedenten die uitsluitend op kantoor werken, zoals taakrisicoanalyses of ongevallenonderzoek, is niet opgenomen in VIL-VCU.
NEN 3140
Als u werkt in de elektrotechniek, weet u dat dit bepaalde risico’s met zich meebrengt. Daarvoor zijn verschillende NEN-normen ontwikkeld, zodat deze risico’s worden ingeperkt. NEN 3140 richt zich op elektrotechnische werkzaamheden met laagspanning en maakt onder andere onderscheid tussen Voldoende Onderricht Persoon (VOP) en Vakbekwaam Persoon (VP). Geldigheid van het certificaat is 3 jaar.
Voldoende onderrichte persoon:
Voldoende onderrichte personen mogen naast de werkzaamheden op hun eigen vakgebied ook werkzaamheden van beperkte omvang en van beperkt risico aan elektrische installaties uitvoeren.
Vakbekwaam persoon (VP):
Een vakbekwaam persoon heeft voldoende opleiding en ervaring om alle werkzaamheden aan, met of in de nabijheid van elektrische installaties of met elektrische arbeidsmiddelen uit te voeren.
Lesmateriaal NEN 3140:
In veel gevallen kan worden volstaan met zelfstudie middels een cursusboek. NIKTA kan deze boeken leveren.
Examenmogelijkheden NEN 3140:
Dit examen wordt op dezelfde 19 locaties en data georganiseerd als de VCA examens. Voor een overzicht van de locaties en examendata voor de komende periode:
ATEX Ex 001
Wat is ATEX Ex 001?
Sinds juli 2006 is de Europese wetgeving rondom Explosieveiligheid volledig van kracht.
De wetgever verplicht de werkgever de risico’s te inventariseren en waar nodig, technische en organisatorische maatregelen te nemen. Tevens is er de verplichting om het personeel, dat werkzaamheden verricht in gebieden met kans op explosieve atmosferen, zodanig op te leiden dat zij over beschikt om gevaren in deze gebieden te herkennen en daar naar te handelen. In basis is dit geregeld in Artikel 137 van het Verdrag van Maastricht ‘Veiligheid op het werk’.
Dit artikel is nader uitgewerkt in de Kaderrichtlijn 89/391/EEG en vervolgens in de Bijzondere richtlijnen 1 t/m 19. De 15e bijzondere richtlijn is die van ATEX 153 (1999/92/EG), ‘Veilig werken in explosieve atmosferen’ en bevat minimumvoorschriften m.b.t. de gezondheidsbescherming en veiligheid van werknemers in explosiegevaarlijke omgevingen. Deze Europese richtlijn is voor wat betreft Nederland vertaald naar onze nationale wetgeving(o.a. Arbeidsomstandighedenwet en Arbeidsomstandighedenbesluit (artikel 3.1).
De wettelijke verplichting geldt niet alleen voor eigen personeel dat op de installatie werkzaam is, maar ook voor medewerkers van externe bedrijven die ter plaatse aan het werk zijn (coördinatieverplichting).
In het verleden werd explosieveiligheid als een elektrotechnische aangelegenheid gezien.
Met de komst van de voornoemde ATEX-richtlijn stelt de wetgever o.m. dat iedereen die te maken heeft met explosiegevaarlijke installaties voldoende opleiding moet hebben. Het gaat hierbij dus om alle vakdisciplines en niet alleen elektrotechnici.
In de industrie bestaat er hierdoor een grote behoefte aan persoonscertificering op het gebied van explosieveiligheid, conform ATEX 153 en IEC Ex 05, te weten Ex 001 ‘Toepassen van basisprincipes van bescherming in explosieve atmosferen’.